Mijn benadering van de mensen in scheidingen is gevormd door jarenlange theoretische verdieping en voortdurende praktische, soms stevige, confrontaties met wat nu eigenlijk wel en niet ‘goed werkt’ in dergelijke situaties. Het is ongetwijfeld waar dat ieder mens uniek is, en elke situatie anders. Maar er zijn ook bepaalde patronen en terugkerende reacties te herkennen. Die inzichten maken dat je, als neutrale begeleider, sneller kan horen wat er speelt, eerder kan nagaan met de betrokkenen wat er wellicht nodig is en gerichter kan samenwerken aan gewenste verbetering.

De aansluiting met de eigen belevingen van mensen is essentieel, en met name hun diepere gevoelens over wat al of niet rechtvaardig is en ze al of niet ‘verdiend’ hebben spelen vaak een cruciale rol bij weerbarstige conflicten. Erkenning van deze gevoelens helpt om schuld, schaamte of onrecht om te zetten naar vertrouwen en naar herstellende intenties en afspraken. Dat proces doorlopen met mensen is wat mij als psychomediator boeit en motiveert. Vasthoudend en confronterend waar dat moet, met lichtheid en relativering waar dat kan, dat kenmerkt mijn persoonlijke stijl.

In de naam van mijn praktijk ‘Betrekkelijk’ komen mijn overtuigingen terug:

  1. Ik werk aan de onderlinge betrekkingen tussen mensen: ik richt me op hun relaties, verhoudingen en vooral hun omgangspatronen, doe dat in samenwerking met de direct betrokkenen zelf, met werkvormen waar zij zelf actief in participeren. Ik ‘doe’ dus geen individuele behandelingen of begeleidingen, ik geloof vooral in directe interacties tussen mensen meemaken en versterken. En in de verbondenheid met steunende systemen, om met elkaar een nieuwe balans te vinden.
  2. Ik geef aandacht aan de betrokkenen bij het conflict of de kwestie: wie hebben er belang bij een bepaalde uitkomst van het conflict of de kwestie, wie kan er een aandeel of hulp bieden bij bepaalde oplossingen. Ik kijk dus altijd met cliënten samen naar de bredere sociale context van de kwestie. In gezins-, ex-partner- of opvoedkwesties zijn dat in elk geval ook altijd de kinderen.
  3. Ik benader kwesties en conflicten met een besef van betrekkelijkheid en relativering. Kwesties die vanuit een emotioneel perspectief heel onoverkomelijk en uitzichtloos kunnen lijken, kunnen er met wat meer innerlijke rust en vertrouwen een stuk hanteerbaarder uitzien. Heftige emoties en sterke gedragsimpulsen zijn natuurlijk zeer serieus te nemen als signalen dat er ‘iets’ erg van belang en urgent is, dat daarom aandacht nodig heeft. Ze zijn echter zelden een goede basis voor verstandige beslissingen, zo lang dat onderliggende ‘iets’ nog niet duidelijk is en er (weer) ruimte is voor breder overzicht.

Al mijn ervaringen en overtuigingen over ‘wat werkt (waarschijnlijk) wanneer met wie’ heb ik meegenomen naar mijn eigen professionele praktijk. In de hoop en verwachting dat ik op een directe en laagdrempelige wijze, en met ‘wijsheid’ de mensen bereik die aan mijn benadering wat zouden kunnen en willen hebben.